Wanneer we verkouden zijn, denken we al snel aan een verstopte neus, een loopneus, keelpijn of hoesten. Allemaal klachten die te maken hebben met onze luchtwegen.
Maar wist je dat we de luchtwegen kunnen verdelen in de bovenste en onderste luchtwegen?
Dat lijkt misschien vooral anatomische informatie, maar wanneer je met kruiden werkt, kan dit juist handige informatie zijn. Het helpt je namelijk om beter te begrijpen waar in het lichaam iets gebeurt en wat het lichaam daar op dat moment nodig heeft.
De bovenste luchtwegen
De bovenste luchtwegen bestaan uit onder andere:
- de neus
- de mond
- de neusbijholten (sinussen)
- de keelholte
- het strottenhoofd
- de luchtpijp
De bovenste luchtwegen vormen als het ware de doorgang waardoor de ingeademde lucht verder naar de longen kan. Wanneer we ademhalen, komt de lucht via de neus of mond binnen en gaat deze verder richting de luchtpijp en de bronchiën. Maar de bovenste luchtwegen doen meer dan alleen lucht doorlaten.
De neus helpt bijvoorbeeld om de ingeademde lucht te verwarmen, filteren en bevochtigen voordat deze verder het lichaam in gaat. Dat is belangrijk, want koude, droge of onvoldoende gefilterde lucht kan de lagere luchtwegen gemakkelijker irriteren. Je kunt de bovenste luchtwegen daarom zien als een soort eerste opvang- en beschermingsgebied van ons ademhalingssysteem.
Ook ons afweersysteem begint hier
Rondom de neus, mond en keel bevindt zich veel lymfeweefsel. Dit maakt deel uit van ons afweersysteem. Dat is eigenlijk heel logisch. Via onze neus en mond komt er voortdurend van alles ons lichaam binnen: lucht, stofdeeltjes, bacteriën, virussen en andere stoffen uit onze omgeving. Het afweersysteem in dit gebied helpt om deze indringers te herkennen en erop te reageren. Wanneer je verkouden bent, kan dit bijvoorbeeld samengaan met gezwollen of gevoelige lymfeklieren in de hals. Je afweersysteem is op dat moment actief en bezig met het opruimen en verwerken van wat er in het lichaam gebeurt. Onze luchtwegen staan dus voortdurend in contact met onze buitenwereld. Het is dan ook niet zo vreemd dat juist hier regelmatig klachten ontstaan. Zeker wanneer het lichaam minder goed kan herstellen of wanneer er veel van onze energie wordt gevraagd, bijvoorbeeld door langdurige stress.
De onderste luchtwegen
Onder de luchtpijp liggen de onderste luchtwegen. De luchtpijp splitst zich in twee bronchiën, die ieder naar een long lopen. Vanuit daar vertakken de luchtwegen zich steeds verder in kleinere vertakkingen, tot aan de longblaasjes.
De onderste luchtwegen bestaan onder andere uit:
- de bronchiën
- de longblaasjes
- de longen
De lucht legt dus een hele weg af voordat deze uiteindelijk bij de longblaasjes komt, waar de uitwisseling van zuurstof en koolstofdioxide plaatsvindt.
De meeste klachten die wij onder verkoudheid kennen, ontstaan in de bovenste luchtwegen. Een verkoudheid wordt veroorzaakt door een virus. Er bestaan veel verschillende virussen die verkoudheidsklachten kunnen veroorzaken. Het virus komt meestal via de neus of mond het lichaam binnen en kan zich vervolgens vermenigvuldigen in de slijmvliezen van de luchtwegen. De klachten die we vervolgens ervaren, zoals een verstopte of lopende neus, niezen, keelpijn en hoesten, zijn niet alleen het gevolg van het virus zelf. Ook het afweersysteem komt in actie. Het lichaam herkent dat er iets aanwezig is wat er niet hoort en gaat daarop reageren. Daardoor kunnen de slijmvliezen bijvoorbeeld opzwellen en meer slijm gaan produceren. Ook kunnen we ons moe voelen of een zere keel krijgen.
Waarom dit belangrijk is wanneer je met kruiden werkt
Klachten aan de bovenste luchtwegen zijn vaak van voorbijgaande aard en zijn doorgaans gemakkelijker op een laagdrempelige manier te ondersteunen dan klachten die dieper in het ademhalingssysteem liggen. Maar ook binnen die bovenste luchtwegen kan een klacht er steeds anders uitzien. Een droge hoest vraagt bijvoorbeeld iets anders van een plant dan een hoest waarbij veel slijm wordt opgehoest. Een geïrriteerde, droge keel vraagt iets anders dan een keel waarbij juist sprake is van veel slijm. En ook bij een verstopte neus wil je niet automatisch hetzelfde kruid inzetten als bij een waterige loopneus.
Elke klacht vertelt iets over wat er op dat moment in het lichaam gebeurt.
Daarom vind ik het zo belangrijk om niet alleen te weten welk kruid bij welke klacht hoort, maar ook te begrijpen hoe het systeem werkt waarop je de plant toepast.
Niet iedere hoest is hetzelfde
Wanneer je alleen leert:
hoest = kruid X
mis je een belangrijk deel van het verhaal.
Want wat voor hoest is het? Is de hoest droog of komt er slijm mee? Is het weefsel geïrriteerd? Is er sprake van spanning? Is het slijm dik en vastzittend of juist dun en overvloedig?
De antwoorden op dit soort vragen geven je informatie over de staat van het weefsel en de beweging die er in het lichaam plaatsvindt. En precies daar wordt het interessant om met planten te werken. Planten hebben namelijk verschillende eigenschappen en verschillende acties. De ene plant kan bijvoorbeeld verzachtend werken op geïrriteerd weefsel, terwijl een andere plant juist meer gericht is op het bewegen van slijm.
Het gaat dus niet alleen om de vraag:
Welk kruid kan ik gebruiken bij hoest?
Maar eerder:
Wat laat deze hoest mij zien?
Wat gebeurt er in het weefsel?
En welke werking van een plant past daarbij?
Wanneer je zowel het lichaam als de werking van kruiden leert begrijpen, kun je planten veel gerichter gaan inzetten.
Je werkt dan niet meer vanuit een standaard lijstje met kruiden bij klachten, maar leert kijken, begrijpen, kiezen en toepassen.
En juist dat is de manier waarop ik je in Kruid & verkoudheid wil leren kijken naar de luchtwegen. Mijn nieuwe cursus die momenteel achter de schermen volop in de maak is!
Niet alleen leren welke kruiden je kunt gebruiken bij verkoudheid, hoest en keelklachten, maar begrijpen wat er in het lichaam gebeurt en waarom een bepaalde plant op dat moment passend kan zijn. Via de nieuwsbrief ben je als allereerste op de hoogte wanneer deze cursus online komt te staan. Je kunt hier alvast meer lezen over het programma.